Doorgaan naar hoofdcontent

Weg met de gleufvernauwer!


Elk jaar worden wij weer geconfronteerd met het onding. En zonder enig overleg of aankondiging vooraf. Een mens heeft wat dat betreft helemaal niets in te brengen. Op een goede dag in december loop je naar de oranje bus en ja hoor...daar is-ie weer: de I.W.V. (de Inwerpversmaller).
Deze mensonterende voorzorgsmaatregel van Tante Pos haalt bij mij letterlijk en figuurlijk het bloed onder de nagels. Want waar elf maanden van het jaar de brievenbus is voorzien van een royale, mensvriendelijke gleuf die zelfs een redelijke doorgang biedt aan zwangere brieven en kaarten, zorgt de I.W.V. ervoor dat je poststukken zonder modelfiguur, subiet een halt wordt toegeroepen. Ho mannetje, jij bent te dik! Ga jij eerst maar even afvallen voordat jij met je andere brievenvrindjes mee mag. Sta je met je stapeltje post. 
"Ons advies", zo zegt de Post, "is uw post af te geven bij het postkantoor." Welk postkantoor? In Hilversum hebben wij sinds jaren al geen behoorlijk postkantoor meer! Bedoelen ze die éénmeterbrede minibalie bij de Bruna? Die als postkantoor bestempelde afwerkplek bij de C1000, waar je altijd - de hele maand december - 58 wachtenden voor je hebt?
En jawel, ik waarschuw je... het wordt nog erger. Post.nl heeft al aangekondigd brievenbussen te gaan verwijderen uit het straatbeeld. "Vanwege het vuurwerkvandalisme". En in de tussentijd ons maar vrolijk oproepen dat wij ons moeten laten inspireren en dat het zo attent en leuk is elkaar een kaartje te sturen met kerst. Waardoor laten inspireren? Door die posthatende gleufvernauwer? Vind je het gek dat de digitale eindejaarskaart in populariteit toeneemt? Wie thuis immers een 20 Mb-gleuf heeft, loopt nooit meer naar een brievenbus die er waarschijnlijk toch niet meer staat? 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Een hapje en een drankje...

Het is een heerlijke zin: wij nodigen u graag uit voor een hapje en een drankje. Hoe dikwijls heb ik die zin gelezen in uitnodigingen van zakelijke relaties? Hoe vaak schreven vrienden hem met zwierig handschrift in hun uitnodiging als er weer iets te vieren viel? Voor een hapje en een drankje wordt gezorgd. Kan het Hollandser? Kan het afgepaster? Uitgekleder? Minimaler? Een feestje, een receptie, een bijeenkomst met altijd weer dat hapje en dat drankje. Zo netjes. Zo keurig. Zo benepen. Je ziet jezelf al bij binnenkomst twee bonnetjes in de hand gedrukt krijgen. Eén voor een hapje. Eén voor een drankje. Maak er een dolle boel van! Als ik de zin nu weer zo lees in een uitnodiging van een chique automerk, houden mijn ogen even halt en mijmer ik. Zouden de Grieken, die het, laten we eerlijk zijn, momenteel niet makkelijk hebben, dat ook schrijven in hun uitnodigingen naar elkaar. "Kom je naar mijn Souvlaki-Party? Voor een hapje en een drankje wordt gezorgd." Ik denk het ni...

Het leven is een feestje!

Het is waar: het leven is een feestje.  Het enige jammere aan dat feestje is, dat wij mensen altijd weer in staat zijn ons eigen feestje   te verstieren. Hoe wij het flikken? Het is mij een raadsel. Maar keer op keer lukt het ons het feestje dat Leven heet, minder leuk te maken dan het zou moeten zijn. En dat is altijd ten nadele van het leven. En van onszelf.  Waarom doen wij dit onszelf aan? Waarom maken wij het voor onszelf zo moeilijk? Terwijl een leuk leven dat aangenaam en gezellig is, binnen handbereik ligt.  Alle randvoorwaarden zijn er immers. De feesttent. De gasten. De slingers. Of in een andere context: er is een zaterdagmiddag. Een groen grasveld met witte lijnen. Er zijn 22 jonge jongens. Een bal, spelregels en wat vaders die die middag nog wel 90 minuten over hebben. Alles voorhanden zou je zeggen, om er een prachtige feestmiddag in de buitenlucht van te maken. En toch is het niet gelukt. Sla mij maar dood.

Blauw

Het is de bekende openingszin van een verkoper of verkoopster in een kledingzaak: 'Kan ik u helpen of kijkt u even rond'. Mijn antwoord is negen van de tien keer 'nee dank u, ik kijk even rond'. Voor dat rondkijken in de gemiddelde kledingzaak krijg je vervolgens hooguit twee minuten. Want dan staat diezelfde verkoper in je nek te hijgen en meent hij je aan te moeten moedigen met de woorden: 'Ja, dat is een leuke polo hè; nieuwe collectie'. Op zo'n moment zeg ik hem gewoon recht in zijn gezicht: 'Zeg, jij was het toch die mij bij mij binnenkomst vroeg of je mij kon helpen? En wat antwoordde ik toen? Heb ik gezegd dat ik je hulp nodig had? Zie ik er uit als iemand die hulp nodig heeft bij het uitzoeken van een polo? Denk jij dat ik mij op mode-gebied moet laten adviseren door een of ander a-modieus opdondertje die op zaterdag wat geld wil bijverdienen en zelf witte tennissokken onder een zwarte broek draagt? Nou? Opzouten dus mannetje. Achter je toonbank....