Doorgaan naar hoofdcontent

Ik en Máxima!




Zoiets overkomt je slechts één keer in je leven: op de achterbank van een verlengde Volvo van het Koninklijk Huis en naast je koningin Máxima. Mij overkwam het vanmiddag!

Als genodigde bij de officiële opening van het 'Park Eren' van het Bomencentrum Nederland in Baarn, parkeerde ik - nietsvermoedend - mijn auto op het daartoe bestemde parkeerterrein. Het was hiervandaan slechts een klein stukje lopen naar de plek waar de opening door ondernemer Hans Blokzijl zou plaatsvinden. Een prachtige wandeling langs de nog mooiere bomen die Hans zijn Bomencentrum rijk is.

Maar ver kwam ik niet. Voor mij stond een verlengde Volvo S-80 Limousine. Het portier rechtsachter stond open van waaruit een vrolijke stem mij toeriep: 'Wilt u het stukje meerijden?' Ik begreep dat het tegen mij bedoeld was en liep richting het open portier en daar zat ze... koningin Máxima. Met uitgestrekte arm herhaalde zij de zin wijzend op de lege plek ter linkerzijde van haar. 'Graag', antwoordde ik en liep naar de linkerzijde van de auto, opende het portier en nam plaats op het crèmekleurige leder. Ik stak mijn hand uit. 'Carl', stelde ik mij voor, waarop zij 'Máxima' zei. 'Dank u voor de lift', voegde ik er aan toe. 'Graag gedaan", zei ze met een alleraardigste glimlach. 'Het is een beetje te warm om te lopen niet? Ze zei het met precies hetzelfde mooie accent dat ik van de televisie kende...

Op de driehonderd meter die wij van instapplaats naar uitstapplaats reden, viel er geen moment stilte. We hadden het over het weer, de mooie bomen, de nazomer en zelfs even over haar kinderen die net deze week weer naar school waren gegaan. 'Amalia zei vanmorgen tegen mij: mam ik wil liever vandaag naar het zwembad', verklapte ze. En even stootte ze amicaal lachend met haar linkerhand mijn rechterelleboog aan; al kan ik mij dat ook ingebeeld hebben. 
Ik schudde haar nogmaals de hand en bedankte haar opnieuw. Toen ik het portier opendeed en uitstapte, flitsten de fototoestellen. Een vrouw van de schrijvende pers vroeg of ik een vriend van het Koninklijk Huis was. Ik heb natuurlijk meteen 'JA' geantwoord. 'En van Hans Blokzijl' heb ik er aan toegevoegd.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Een hapje en een drankje...

Het is een heerlijke zin: wij nodigen u graag uit voor een hapje en een drankje. Hoe dikwijls heb ik die zin gelezen in uitnodigingen van zakelijke relaties? Hoe vaak schreven vrienden hem met zwierig handschrift in hun uitnodiging als er weer iets te vieren viel? Voor een hapje en een drankje wordt gezorgd. Kan het Hollandser? Kan het afgepaster? Uitgekleder? Minimaler? Een feestje, een receptie, een bijeenkomst met altijd weer dat hapje en dat drankje. Zo netjes. Zo keurig. Zo benepen. Je ziet jezelf al bij binnenkomst twee bonnetjes in de hand gedrukt krijgen. Eén voor een hapje. Eén voor een drankje. Maak er een dolle boel van! Als ik de zin nu weer zo lees in een uitnodiging van een chique automerk, houden mijn ogen even halt en mijmer ik. Zouden de Grieken, die het, laten we eerlijk zijn, momenteel niet makkelijk hebben, dat ook schrijven in hun uitnodigingen naar elkaar. "Kom je naar mijn Souvlaki-Party? Voor een hapje en een drankje wordt gezorgd." Ik denk het ni...

Het leven is een feestje!

Het is waar: het leven is een feestje.  Het enige jammere aan dat feestje is, dat wij mensen altijd weer in staat zijn ons eigen feestje   te verstieren. Hoe wij het flikken? Het is mij een raadsel. Maar keer op keer lukt het ons het feestje dat Leven heet, minder leuk te maken dan het zou moeten zijn. En dat is altijd ten nadele van het leven. En van onszelf.  Waarom doen wij dit onszelf aan? Waarom maken wij het voor onszelf zo moeilijk? Terwijl een leuk leven dat aangenaam en gezellig is, binnen handbereik ligt.  Alle randvoorwaarden zijn er immers. De feesttent. De gasten. De slingers. Of in een andere context: er is een zaterdagmiddag. Een groen grasveld met witte lijnen. Er zijn 22 jonge jongens. Een bal, spelregels en wat vaders die die middag nog wel 90 minuten over hebben. Alles voorhanden zou je zeggen, om er een prachtige feestmiddag in de buitenlucht van te maken. En toch is het niet gelukt. Sla mij maar dood.

Blauw

Het is de bekende openingszin van een verkoper of verkoopster in een kledingzaak: 'Kan ik u helpen of kijkt u even rond'. Mijn antwoord is negen van de tien keer 'nee dank u, ik kijk even rond'. Voor dat rondkijken in de gemiddelde kledingzaak krijg je vervolgens hooguit twee minuten. Want dan staat diezelfde verkoper in je nek te hijgen en meent hij je aan te moeten moedigen met de woorden: 'Ja, dat is een leuke polo hè; nieuwe collectie'. Op zo'n moment zeg ik hem gewoon recht in zijn gezicht: 'Zeg, jij was het toch die mij bij mij binnenkomst vroeg of je mij kon helpen? En wat antwoordde ik toen? Heb ik gezegd dat ik je hulp nodig had? Zie ik er uit als iemand die hulp nodig heeft bij het uitzoeken van een polo? Denk jij dat ik mij op mode-gebied moet laten adviseren door een of ander a-modieus opdondertje die op zaterdag wat geld wil bijverdienen en zelf witte tennissokken onder een zwarte broek draagt? Nou? Opzouten dus mannetje. Achter je toonbank....